Feeds:
Berichten
Reacties

Archief voor juni, 2009

De stad puft

‘Ik ben moe. Deze hitte is gewoon niet te doen in Parijs, eigenlijk in geen enkele stad. Als het dit soort weer is, wil ik maar één ding: met vakantie gaan. Maarja, er moet nu eenmaal worden gewerkt.’ 

Deze steunende en kreunende woorden hoorde ik vanmiddag in de kantoorboekhandel. Ze kwamen niet uit de mond van een klant, nee, het was de eigenaresse zelf die ze uitsprak.

Vijf minuten later, bij de bakker: ‘Het is heet, hè?’ Dit keer is de bakkersvrouw aan de beurt.

De twee vrouwen hebben natuurlijk helemaal gelijk, het is loeiheet in de stad. Ik weet niet of we kunnen spreken van een hittegolf, daarvoor moet het dacht ik een aantal dagen achter elkaar tropsich zijn, maar het voelt al wel zo. Het was vanmiddag 31 graden, en dat is niet mis. Overal gepuf, gegaap, gezweet en gestink. 

Ik zeg in winkels nooit iets over de weersomstandigheden. Uit ervaring weet ik namelijk dat zo ontzettend veel andere mensen dat al doen. Op zeker moment bereik je achter de toonbank een soort verzadigingspunt, dan kun je niks nieuws meer zeggen en dus geef je iedereen maar gewoon wat hij wil horen: ja, het is erg warm. Of koud, of nat, of droog.  

Het verbaasde me daarom dat de verkopende partij zelf over het weer begon. Twee keer achter elkaar nog wel. Dan zal het wel echt heet zijn. ‘Het is nog erger dan gisteren’, zeg ik tegen de bakkersvrouw, om haar niet teleur te stellen. Even lijken de rollen omgedraaid. ‘Ja’, antwoordt ze, ‘en morgen wordt het nog erger, en donderdag nóg erger, zeggen ze.’

Aan het eind van deze week begint de vakantie. Ook in de laatste dagen maken de kinderen nog nieuwe dingen mee op school. Catharina vertelde dat haar meester zijn leerlingen had natgespoten met de plantenspuit.

En Polly zei: ‘De directrice heeft vandaag een cerf-volant gekocht.’ Een vlieger wat leuk. Maar is de achtertuin van haar schooltje daar niet een beetje te klein voor? ’Hij ging draaien, draaien, draaien en daarna werd het koud’, legde ze uit. Aha, een ventilator dus. Un ventilateur. Houd al die apparaten maar eens uit elkaar.

Nu zitten de kinderen af te koelen. De buurvrouw stelde voor om ze bij haar thuis samen met haar zoontje in een koud bad te stoppen. Leek mij een heel goed idee. Hoor ik straks tenminste eens iets anders dan: ik heb het zo warm.

Read Full Post »

Uitjesgekte

‘Ik kom niet eens aan sporten toe’, klaagde een vader uit de buurt. Hij werkt niet, en heeft normaal gesproken dus alle tijd voor zijn sportieve leven. Op maandag was hij met de klas van zijn oudste dochter meegeweest op sortie, op schooluitje. Naar het Grand Palais, en daarna naar de tweede verdieping van de Eiffeltoren. Grappig, dat La Tour Eiffel een serieuze bestemming is voor een school in Parijs. Komt vast doordat ouders hun kinderen er zelf niet mee naartoe nemen, dan maar onder schooltijd.

Een dag later,vandaag, zou de vader ook de klas van zijn jongste dochter begeleiden. Zij zit op dezelfde maternelle als Catharina, net als zij in het laatste jaar. De school had een heleboel accompagnateurs nodig voor het uitje naar Jardin du Luxembourg.

Mijn beurt was het dit keer niet, ik ben vorige week al meegeweest op grande sortie. Toen gingen we met de hele school in drie bussen naar een kasteel, op ongeveer 60 kilometer van Parijs. Daar kregen de kinderen een rondleiding, en mochten ze na de picknick (hoogtepunt) spelen op een grasveld. En dat laatste lijkt saai, maar het is nog een hele belevenis voor die stadskinderen. Zomaar bloemetjes plukken, dat kunnen ze niet elke dag.

Ik was blij dat we met de bus waren, aangezien ik vorig jaar met drie kinderen een metrohalte te vroeg was uitgestapt tijdens een sortie. Dat was geen ramp, maar toch. In de bus kan dat niet gebeuren. Nu kon er maar een ding tegenzitten: misselijke kinderen. Maar ik had geluk, zelfs mijn dochter, die tijdens onze eigen tochtjes met de auto minstens twee keer overgeeft, werd niet ziek. In een andere bus waren er maar liefst zes kinderen tegelijk wagenziek geworden. Dan kun je als begeleidend vader of moeder vast niet de andere kant opkijken.

Vandaag was alles goed gegaan, begreep ik wel van Catharina. Ze zag er doodmoe uit, dat wel, maar dat is begrijpelijk. De kleuters hadden door het park gewandeld, uitgebreid in de speeltuin gespeeld en moesten zich ook nog door de gangen en over de trappen van de metro slepen. ’Dat was nog een aardig eindje’, zei ik tegen Catharina. ’Ja’, zei zei, ’geef mijn rugzak eens.’ Ze spitte hem door en vond een briefje dat ze aan mij liet zien. Het was een lijstje, er stond keurig op vermeld vanaf welk station er werd vertrokken en waar er moest worden uitgestapt. Ik ben bang dat de school dat heeft ingevoerd na mijn faux pas van vorig jaar.

Read Full Post »

Mijlpaal: voor het eerst is een van mijn kinderen met een eindrapport thuisgekomen. Catharina, vijf jaar, is serieus beoordeeld op haar prestaties. Onvoldoende, matig, voldoende, goed – het zijn woorden die met haar in verband kunnen worden gebracht. Zo had ik haar nog nooit bekeken. Zelf heeft ze totaal geen competitieve neigingen, wat me heel gewoon lijkt op deze leeftijd, maar gelukkig heeft ze wel haar best gedaan: ze mag over naar groep 3.

Het rapport is dus een Nederlands rapport. En dat is onverwacht. Ik weet natuurlijk ook wel dat ze naar de Nederlandse school gaat, elke woensdagochtend, drie uur lang, op het Institut Néerlandais. Dat is het niet. Het onverwachte zit hem in het feit dat Catharina in het Nederlandse onderwijs wordt beoordeeld – en in het Franse niet.

Toen ze vorig schooljaar, ze was nog geen vier, begon in de moyenne section van de maternelle (de tweede klas van de kleuterschool), vond ik dat ze al best hard moest werken. Lange dagen, en veel oefeningen met cijfers, vormen, letters, kleuren. In Nederland gaat het er nog veel vrijblijvender aan toe, dacht ik.

Ook nu, in de grande section, sta ik soms te kijken van wat ze al leert: Engels, aan elkaar schrijven, rekenen. Ik was als kleuter nog niet veel verder dan spelen met de waterbak en een beetje knippen en plakken. Catharina moet werken, zo noemt ze het ook: een travail doen.

Maar ze wordt er dus niet op beoordeeld. Natuurlijk wel in grote lijnen. Als ze het niet goed zou doen, zou haar meester, maître Luc, haar niet naar de ‘grote school’ laten gaan. Geen nieuws is goed nieuws. Catharina is voor volgend schooljaar ingeschreven voor de école élémentaire, dus er niks aan de hand. In elk geval is er voor meester Luc geen enkele aanleiding om ons ook maar iets te vertellen over de prestaties van onze dochter. Zelf haar taalachterstand, die er toch moet zijn, is nooit onderwerp van gesprek geweest. Dat onschuldige heeft wel wat.

Nee, dan de Nederlandse school. Daar heeft Catharina al twee Cito-toetsen gemaakt. Ik had geen idee dat die er ook voor kleuters zijn, ik kende alleen de eindtoets, die waar alle ouders zich zo druk om maken omdat die de keuze voor een middelbare school bepaalt.

Ineens lijkt het Franse onderwijs veel relaxter dan het Nederlandse. Lijkt, want ik ben toch bang dat de Fransen de Nederlanders later rechts inhalen. Ik hoor soms angstige verhalen over hoeveel strenger het op haar nieuwe school zal worden voor Catharina, dat ze al meteen huiswerk mee zal krijgen, en dat er een soort ranglijsten worden bijgehouden waardoor de kinderen precies weten welke klasgenoten er het beste presteren.

Catharina heeft op haar rapport een ‘goed’ voor motivatie. Hopelijk houdt ze dat niveau vast, ook in haar Franse schoolleven. Want wie gemotiveerd is, heeft het naar zijn zin.

Read Full Post »

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.